Tijd hebben en nemen voor het vormen van een goed, genuanceerd beeld. Dat is wat Dorith Harari, hoofd van de vakgroep psychiatrie en hoofd van de medische dienst, zo bijzonder vindt aan werken bij het Pieter Baan Centrum. ‘Vooral omdat je het niet alleen doet. Dat is elke keer weer leerzaam en verrijkend.’

Beeld: © NIFP

Zorgvuldig observeren, grondig onderbouwen en nauwkeurig formuleren. Het zijn capaciteiten die essentieel zijn voor een onderzoekend psychiater in het Pieter Baan Centrum (PBC), en niet geheel toevallig specialiteiten van Dorith Harari. ‘Er lopen hier bovengemiddeld veel perfectionisten rond. We vinden niets zo frustrerend als wanneer we minder kunnen stellen dan we zouden willen, terwijl we een vermoeden hebben over wat er aan de hand kan zijn. Maar je moet alles zorgvuldig kunnen onderbouwen: in deze functie is geen ruimte voor onderbuikgevoelens.’

Trapje in de zon

Haar liefde voor schrijven en voor mensen heeft ze al van jongs af aan. ‘Toen ik klein was, wilde ik eerst schrijver worden en later tolk. Het leek me prachtig om wat mensen zeggen en voelen te vertalen.’ Die voorliefde voor psychologie komt terug in haar uiteindelijke keuze voor psychiatrie. Maar het PBC komt toevallig op haar pad. ‘Ik werkte al tien jaar in de psychiatrie toen ik met een collega aan de praat raakte op een symposium. We zaten op een trapje in de zon en hij nodigde me uit om eens bij het PBC te kijken en een onderzoek te doen. Ik had de smaak direct te pakken. De eerste tien jaar werkte ik één dag per week als pro Justitia-rapporteur. Ik vond het een ideale combinatie met mijn werk in de ggz.’

Strikte scheiding

Toch kiest ze er in 2020 voor om volledig voor het PBC te gaan werken. Sinds 2023 als hoofd van de vakgroep. ‘Ik schrijf rapporten en stuur de groep psychiaters aan. Als hoofd van de medische dienst ben ik daarnaast verantwoordelijk voor de zorg voor de observandi – zo noemen we de mensen die we onderzoeken tijdens hun opname in het PBC. Belangrijk is dat we de zorg en het rapportageproces strikt hebben gescheiden. Zo kunnen mensen tijdens de onderzoeksperiode in het PBC behandeling krijgen indien nodig. Maar door het medisch beroepsgeheim komt die informatie niet automatisch bij de rapporteur. Andersom schrijven collega’s die zorg leveren, geen rapporten over observandi die ze in zorg hebben.’

Beeld: © NIFP

Tot het gaatje

Dat brengt Harari op het unieke van het werken voor het PBC. ‘Zes weken lang onderzoeken we iemand heel minutieus: we gaan tot het gaatje. We doen niet alleen psychiatrisch, psychologisch en milieuonderzoek, maar vanaf de eerste dag ook groepsobservatie. We zien iemand in verschillende interacties, zoals tijdens arbeid, sport of koken. Dat biedt een rijk en realistisch beeld van het functioneren. Daarnaast lezen we het strafdossier, reclasseringsrapporten en het milieuonderzoek dat de levensloop in kaart brengt. Verder bezoeken we de observandus minimaal één keer per week en is er veel tijd voor diagnostiek.’

Teamkarakter

Een ander belangrijk kenmerk is het hoge teamkarakter van het werk. ‘Je doet het onderzoek van begin tot einde als team’, benadrukt Harari. ‘Elke week bespreken we onze bevindingen, en elke onderzoeker schrijft een hoofdstuk van het rapport. Die hoofdstukken bespreken en becommentariëren we samen. Tot slot kunnen we extra expertise vragen, bijvoorbeeld een cultureel antropoloog of een somatisch specialist. Dat maakt onze onderzoeken veelomvattend en diepgaand. We belichten iemand bovendien vanuit verschillende expertises. Ik vind dat elke keer weer leerzaam en verrijkend.’

Beeld: © NIFP

Geen behandelrelatie

Een laatste verschil met de reguliere ggz is dat het doel van het werk wezenlijk anders is. ‘Je hebt geen behandelrelatie en werkt niet aan symptoomvermindering, maar onderzoekt wat nodig is om het recidiverisico te verkleinen. Het werk vraagt dan ook een aantal speciale vaardigheden. Je moet een goede diagnosticus zijn, van schrijven houden, goed kunnen redeneren en je overwegingen helder verwoorden – ook voor de rechter, advocaten en de officier van justitie. Verder is het belangrijk om de mens achter de verdachte te zien, maar ook scherp te blijven op het strafrechtelijk kader.’

Nuances zien

Of je affiniteit moet hebben met de doelgroep? Harari: ‘Nee, veel belangrijker is dat je geïnteresseerd bent in mensen en kunt schakelen wanneer iemand weerstand oproept of als juist je mededogen groeit. Het gaat erom dat je kijkt naar hoe iemand qua persoonlijkheid in elkaar zit, wat er eventueel psychiatrisch aan de hand is en welke gevolgen dat kan hebben voor de persoon zelf en voor zijn handelen. Dat trachten we in verband te brengen met waar de persoon van verdacht wordt. Onze rapporten bestaan uit een beschrijvend en diagnostisch gedeelte, een conclusie en een advies. Observandi krijgen het conceptrapport te lezen. Ik haal er veel voldoening uit als iemand zichzelf herkent in het rapport dat ik geschreven heb.’

Onafhankelijk onderzoek

Dat brengt haar op de beperkingen van een onderzoek. ‘Soms hebben we niet voldoende informatie omdat iemand niet meewerkt, niet genoeg in beeld komt of omdat de diagnostiek te complex is. Zeker bij ernstige delicten is dat teleurstellend’, vindt Dorith Harari. Onze kerntaak is tenslotte om met een breed team onafhankelijk onderzoek te doen en om op basis van onze expertise en bevindingen de rechter te adviseren over de eventuele rol van pathologie en dan de best passende behandeling die de kans op recidive verkleint. Dat is een kostbaar proces, maar het levert de maatschappij ook veel op.’