Oxytocine, empathie en psychopathie

Het belangrijkste doel van dit onderzoek is om meer te weten te komen over empathie bij mannen met psychopathie die een TBS behandeling krijgen. En of empathie bij deze groep verbeterd kan worden. Empathie is jezelf kunnen verplaatsen in de situatie en gevoelens van anderen. Dit zorgt voor sociaal gedrag.

Uit eerder wetenschappelijk onderzoek blijkt dat je kan zeggen dat psychopathie een empathiestoornis is. Mensen met psychopathie hebben een afwijking in hun hersenen waardoor zij antisociaal gedrag laten zien. Zoals geweld naar anderen. Er zijn therapieën die proberen om empathie bij iemand te verbeteren. Maar deze therapieën werken niet goed.

Daarom is het interessant om te weten of er andere manieren zijn om empathie te verbeteren. Zoals door het geven van 'oxytocine'. Oxytocine wordt ook wel ‘knuffelhormoon’ genoemd. Het is een stof die door de hersenen wordt gemaakt. Deze stof zorgt voor meer sociaal gedrag. Oxytocine kan mogelijk worden ingezet, tegelijkertijd met andere therapieën.

Huidig wetenschappelijk onderzoek

In dit onderzoek krijgen mannelijke tbs-patiënten met een hoog niveau van psychopathie oxytocine toegediend. Daarna wordt gekeken of zij beter emoties kunnen herkennen en meer empathisch kunnen reageren.

Voor het onderzoek zijn twee dagen gebruikt. De mannelijke tbs-patiënten zijn verdeeld in twee groepen. De ene groep kreeg een gewone neusspray. De andere groep kreeg een neusspray met oxytocine. Na het toedienen van de neusspray werden er bij beide groepen allerlei computertaken en biologische metingen gedaan (zoals een hartslagmeting, een meting van de spieren in het gezicht en een meting van de hormonen in speeksel). Er deed ook een contolegroep mee aan het onderzoek. In deze groep zaten medewerkers van het Pieter Baan Centrum.

Resultaten

Op dit moment vinden de beschrijvingen van de analyses plaats. Onderzoekers vonden al een bijzonder resultaat. Zij ontdekten invloed van oxytocine bij een subgroep mannen met een zeer hoog niveau van psychopathie en dominantie. Deze mannen lijken submissiever (volgzamer) gedrag te laten zien. Dit is een interessante ontdekking. In 2021 zijn de resultaten beschreven. In de loop van 2022 zullen de resultaten in wetenschappelijke tijdschriften worden gepubliceerd.

Wie en wanneer

Onderzoeker: Ronald Rijnders
Samenwerking: professor Jack van Honk (Universiteit Utrecht)

Periode onderzoek 2016-2022